“Heb ik straks nog korting als ik met de trein naar mijn kleinkinderen ga?”
Het is zo’n vraag die niet in Den Haag ontstaat, maar in een gewone woonkamer. In de tablet op de salontafel ligt de krant nog open, het eerste koffiekopje is leeg en ineens ontstaat er zo’n onverwachte vraag. Het voordeel was minder vanzelfsprekend dan gedacht. De landelijke OV-korting voor ouderen dreigt per 1 januari 2027 te verdwijnen. Dat klinkt als een technische wijziging in een tarievenlijst, maar achter die ene regel schuilt een veel grotere discussie. Gaat het nog om leeftijd, of draait korting voortaan om iets anders?
‘Het betekent wel dat een specifieke leeftijdskorting waarschijnlijk plaatsmaakt voor algemene kortingsproducten die voor iedereen beschikbaar zijn.’
De landelijke leeftijdskorting voor 65-plussers verdwijnt volgens de huidige plannen. Dat besluit is genomen door DOVA (Samenwerkingsverband van Decentrale OV-Autoriteiten). Het is een samenwerking van de regionale OV-autoriteiten. Het doel is om het oerwoud aan verschillende kortingsregelingen overzichtelijker te maken en toe te werken naar een eenvoudiger systeem.
Dat betekent niet dat ouderen straks helemaal geen voordeel meer kunnen krijgen. Het betekent wel dat een specifieke leeftijdskorting waarschijnlijk plaatsmaakt voor algemene kortingsproducten die voor iedereen beschikbaar zijn.
Juist dat onderscheid zorgt voor verwarring.
Wie nu af en toe buiten de spits reist, hoeft zich nauwelijks af te vragen welk abonnement daarbij hoort. In het nieuwe denken verschuift de aandacht van “Hoe oud bent u?” naar “Hoe reist u?”
Er wordt gesproken over een landelijk kortingsproduct, vaak aangeduid als het Nederlandticket. Daarbij wordt gedacht aan een abonnement waarmee reizigers voor een vast bedrag per maand onbeperkt in de daluren kunnen reizen.
Dat klinkt aantrekkelijk, maar de uitwerking is nog niet definitief. Bovendien is zo’n abonnement niet speciaal bedoeld voor ouderen. Iedereen zou er gebruik van kunnen maken.
Hier ontstaat een interessante tegenstelling.
Want wie bijna dagelijks reist, kan met een vast maandbedrag juist voordeliger uit zijn. Maar iemand die één of twee keer per maand de trein neemt, rekent anders. Voor die reiziger voelt een leeftijdskorting heel anders dan een abonnement waarvoor eerst betaald moet worden.
‘Niet iedere 67-plusser heeft een klein pensioen. Sommigen vinden daarom dat leeftijd alleen geen goede reden meer is voor korting.’
Op internet, in reacties onder nieuwsberichten en bij ouderenorganisaties komt steeds hetzelfde beeld terug: Niet de prijs alleen staat centraal, maar de gewoonte.
Voor hen is de korting geen luxeproduct, maar onderdeel van een vast ritme. Juist omdat zij meestal buiten de spits reizen, vragen veel mensen zich af waarom deze groep minder aantrekkelijk zou zijn voor het openbaar vervoer. Die vraag komt regelmatig terug in online discussies en in reacties van reizigers.
Tegelijk klinkt ook een ander geluid.
Niet iedere 67-plusser heeft een klein pensioen. Sommigen vinden daarom dat leeftijd alleen geen goede reden meer is voor korting. Volgens die redenering is een regeling die voor iedereen geldt eerlijker dan een regeling die uitsluitend naar geboortejaar kijkt.
Beide standpunten bestaan naast elkaar.
De politieke partij 50PLUS probeert de afschaffing tegen te gaan. Dit doen ze niet via de rechter, maar door politieke druk uit te oefenen. Hoe doen ze dat?
De partij heeft Kamervragen gesteld aan de staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat. Daarbij vraagt zij onder meer waarom de leeftijdskorting moet verdwijnen, welke gevolgen dit heeft voor ouderen en of een gelijkwaardige regeling mogelijk is.
Daarnaast werkt 50PLUS samen met ouderenorganisaties binnen de Seniorencoalitie. Zij vragen aandacht voor de gevolgen en proberen via petities en publieke discussie het onderwerp op de politieke agenda te houden.
Dat betekent overigens niet dat het besluit automatisch verandert.
Kamervragen openen een debat, maar wijzigen geen beleid. Daarvoor is een meerderheid in de politiek nodig én geld om een regeling te bekostigen. Lees hier meer op de website van 50PLUS.
Dat is moeilijk met zekerheid te voorspellen.
‘Kamervragen openen een debat, maar wijzigen geen beleid.’
Historisch gezien worden OV-regelingen regelmatig aangepast wanneer maatschappelijke weerstand groot wordt. Tegelijk geldt dat aangekondigd beleid vaak doorgaat als er geen breed politiek alternatief ontstaat.
Op dit moment lijken drie scenario’s denkbaar.
Op papier gaat het over korting.
In de praktijk raakt het aan een bredere vraag: hoe worden OV-regelingen in de toekomst ingericht, en voor wie zijn ze bedoeld?
Vroeger speelde leeftijd vaker een rol bij dit soort regelingen. Nu wordt vaker gekeken naar reisgedrag, gebruiksmomenten of de keuze voor een bepaald abonnement.
Dat is geen kleine wijziging, maar wel een ontwikkeling die past bij een systeem waarin eenvoud en uniformiteit belangrijker worden gevonden. Voor sommige reizigers sluit dat goed aan bij hun manier van reizen. Voor anderen betekent het dat een vertrouwde regeling verandert.
Misschien is dat precies waarom de discussie zoveel losmaakt. Niet alleen omdat een korting verdwijnt, maar omdat veel mensen willen weten hoe toekomstige regelingen eruitzien en welke keuzes daarbij worden gemaakt.