Een dag kan snel voorbijgaan: koffie aan tafel, achter de computer, met de auto naar de winkel en ’s avonds op de bank. Voor u het weet, heeft u uren gezeten. Gelukkig hoeft u niet meteen uren te sporten. Even opstaan, een stukje lopen of wat rekken en strekken helpt al om meer te bewegen. Kleine momenten maken het verschil!
Veel zitten hoort bij het dagelijks leven. Toch is het goed om regelmatig even op te staan en te bewegen. Voor volwassenen en ouderen is het advies om veel stilzitten te voorkomen. Bewegen helpt onder andere om fit te blijven en ondersteunt de spierkracht en loopsnelheid.
Ook als u op sommige dagen minder beweegt dan u zou willen, heeft bewegen nog steeds voordelen. Elke extra beweging telt. U hoeft dus niet te denken: “Ik heb vandaag niet gesport, dus het heeft geen zin meer.” Integendeel!
Het kan best lastig zijn om van een zittende gewoonte naar meer bewegen te gaan. Daarom helpt het om klein te beginnen.
Denk bijvoorbeeld aan deze momenten:
U hoeft dus niet meteen een lange wandeling te maken. Een paar kleine beweegmomenten verspreid over de dag maken het makkelijker om meer te bewegen
Wilt u minder zitten, maar weet u niet goed waar u moet beginnen? Maak het uzelf makkelijk met dit stappenplan.
Stap 1: Sta vaker op
Zit u al een tijdje? Kom even uit uw stoel en loop een klein stukje.
Stap 2: Loop een paar minuten
Loop bijvoorbeeld naar een andere kamer, naar buiten of een klein rondje door de buurt.
Stap 3: Beweeg tijdens dagelijkse momenten
Bellen, koffiezetten, boodschappen doen en de hond uitlaten kunnen allemaal momenten zijn om wat extra te bewegen.
Stap 4: Maak er een gewoonte van
Kies een vast moment waarop u iedere dag even beweegt. Bijvoorbeeld na de lunch of na het avondeten.
Stap 5: Bouw rustig op
Gaat het goed? Maak uw wandeling dan iets langer of voeg een extra beweegmoment toe.
Bewegen wordt een stuk leuker als u iets doet wat bij u past. Houdt u van wandelen? Zoek een mooie route in de buurt. Liever fietsen? Pak dan wat vaker de fiets. Of spreek af met een vriend(in) en maak er samen een gezellig rondje van.
Ook tuinieren, huishoudelijk werk en boodschappen doen zijn manieren om in beweging te komen.
En bewegen hoeft zeker niet altijd alleen. Een wandelmaatje kan net dat extra duwtje geven om de deur uit te gaan. Bovendien vliegt een wandeling vaak sneller voorbij als u gezellig kunt bijpraten.
De Nederlandse beweegrichtlijnen adviseren volwassenen en ouderen om minimaal 150 minuten per week matig of zwaar intensief te bewegen, verspreid over meerdere dagen. Daarnaast wordt geadviseerd om minimaal twee keer per week spier- en botversterkende activiteiten te doen. Voor ouderen horen daar ook balansoefeningen bij.
Maar laat u vooral niet afschrikken door die 150 minuten. U hoeft niet morgen ineens alles te halen. Begin met wat voor u haalbaar is en bouw het rustig op.
Van de stoel naar de voordeur. Van de bank naar een wandeling. Of gewoon even opstaan tussen twee kopjes koffie door. Meer bewegen hoeft niet ingewikkeld te zijn. Kijk naar uw eigen dag en ontdek waar u een klein beweegmoment kunt toevoegen.