Hoe verstoort u een algoritme dat leeft op voorspelbaarheid en onbewuste gedragspatronen? U hoeft er geen ICT specialist of hacker voor te zijn om het gedrag van algoritmes te beïnvloeden. U hoeft zelfs niets kapot te maken. Wat wél helpt is inzicht, want algoritmes zijn geen denkende wezens, maar statistische systemen die patronen zoeken. Ze werken met waarschijnlijkheden, verbanden en herhaling. En precies daar zit de zwakke plek.
De kern is dat algoritmes dus leven van voorspelbaarheid. Zodra uw gedrag grillig wordt, maar wel bewust en consistent, neemt hun grip af.
Algoritmes verzamelen geen meningen, maar signalen. Denk bijvoorbeeld aan:
Deze signalen worden samengevoegd tot een gedragsprofiel. Dat profiel hoeft niet perfect te zijn. Het hoeft alleen maar voorspelbaar te worden.
Voor een beetje historische context is het leuk om te weten dat dit principe rechtstreeks uit het klassieke marktonderzoek komt. De zogeheten segmentatie werkt alleen als gedrag herhaalbaar is. Dat gold in de jaren zeventig al en dat geldt digitaal nog steeds.
Bron ter verdieping: www.thinkwithgoogle.com
Dit klinkt overdreven, maar is technisch logisch want een algoritme koppelt gedrag via meerdere lagen:
Een laptop op dinsdagavond en een telefoon op zaterdagochtend leveren andere contextsignalen op. Zelfs als u dezelfde persoon bent, wordt het gedrag minder goed aan elkaar geknoopt.
Een belangrijk woord hier is samenhang: correlatie. Als samenhang ontbreekt, wordt modelleren lastig.
Veel mensen denken: ik klik gewoon willekeurig rond, maar dat werkt nauwelijks.
In deze zin betekent grillig gedrag: bewust onregelmatig. Het is slim en ‘niet impulsief’ en onvoorspelbaar in patroon.
Algoritmes zijn goed in chaos filteren. Ze zijn slecht in het duiden van grilligheid over langere tijd.
Als u ingelogd bent, werkt de methode inderdaad minder sterk, maar zeker niet zinloos.
Ingelogd zijn betekent dat het algoritme weet wie u bent, acties worden direct aan uw account gekoppeld. Een zwart-wit gedachte die dan duidelijk geldt:
Dit is erg zwart-wit. Maar denk eens aan een groep mensen die elke week vergadert. De spraakzame leert u snel kennen door het vele spreken. De stille aanwezige blijft altijd wat mysterieus. Door weinig van uzelf te laten zien, wordt u een zwijgende gebruiker. En zwijgende gebruikers zijn moeilijk in te schatten en daarom lastig in een richting te sturen.
Tip: als u ingelogd bent, beperk interactie tot het minimum. Lezen mag. Reageren voedt het systeem. Uiteraard bent u zelf vrij in om toch te reageren, maar niet-reageren werkt nog altijd het beste.
Algoritmes functioneren het best binnen hun eigen omgeving. Net als wij mensen, eigenlijk.
Zodra u direct URL’s intypt, verschillende zoekmachines gebruikt of platforms bezoekt zonder account, verdwijnt de keten. Geen keten betekent geen sluitend profiel. Dat is geen truc, maar een logisch gevolg van de structuren van deze data.
Hoe verstoort u een algoritme dat leeft op voorspelbaarheid en onbewuste gedragspatronen? Niet door ze te bestrijden, dat is zinloos.
Wat dus werkt:
Algoritmes floreren bij voorspelbaarheid. Zodra die ontbreekt, verliezen ze scherpte.
Wordt dus grillig, bewust van uw surfgedrag én consistent op de lange termijn. Dat is autonomie.
En ironisch genoeg is autonomie precies wat deze systemen het moeilijkst kunnen modelleren.
Meer lezen over het algoritme? Eerder publiceerden we dit artikel: Het algoritme: Hoe blijf ik nieuwe dingen vinden?