Hoe zat het ook alweer?
Laten we beginnen bij de basis.
Zonnepanelen produceren elektriciteit zodra er voldoende daglicht is. Op een zonnige dinsdagmiddag levert uw dak misschien meer stroom dan u op dat moment gebruikt. De koelkast en aico draaien, maar verder is er weinig vraag. Laten we zeggen dat u 2.000 kWh stroom levert – díe 2.000 kWh staat geregistreerd als teruglevering.
De overtollige stroom die binnenkomt en niet verbruikt, verdwijnt niet. Díe stroom gaat het elektriciteitsnet op. Dat heet terugleveren.
Een paar maanden later – op een donkere, winterse decemberavond, gebruikt u weer stroom van het net.
(Zonder zonnepanelen zou u voor die stroom volledig moeten betalen. Maar u had in de zomer al 2.000 kWh geleverd)
Met de salderingsregeling kreeg u tot nu toe diezelfde teruggeleverde stroom wegstrepen tegen uw verbruik. 2.000 geleverd & 2.000 verbruikt. Er blijft nog 1.000 kWh open staan. Voor wat, hoort wat. Dat noemt men salderen.
Kort gezegd:
U neemt jaarlijks 3.000 kWh af van het net.
U levert jaarlijks 2.000 kWh terug.Dan worden die 2.000 kWh afgetrokken van uw verbruik.
U betaalt uiteindelijk alleen voor 1.000 kWh.
Veel mensen denken dat zij hun eigen zonnestroom maandenlang ergens bewaren en terugkrijgen. Dat is niet zo. De stroom die u in juli teruglevert, gebruikt waarschijnlijk dezelfde middag nog een buurman, supermarkt of bedrijf. Het elektriciteitsnet fungeert in financiële zin als een grote gezamenlijke batterij. De verrekening gebeurt op papier, niet in een opslagruimte.






